Waarmee kunnen wij u helpen?

    Nieuws

    Van Doorne levert belangrijke bijdrage aan ministeries voor btw-handreiking IKC’s

  • NL
  • De onderwijs- en kinderopvangsector werken steeds meer samen, bijvoorbeeld voor de vorming van een Integraal Kindcentrum. In de praktijk bestaat er veel onduidelijkheid over de mogelijkheden om in verschillende samenwerkingsvormen btw-heffing op de samenwerking te voorkomen of te beperken. Daniëlle Westerhoff, Jochem Streefkerk en Saskia Laseur hebben op verzoek van de betrokken ministeries (SZW, OCW en Financiën) en de Belastingdienst, namens de regiegroep Kindcentra2020, de PO Raad, de Brancheorganisatie Kinderopvang, de Brancheorganisatie Maatschappelijke Kinderopvang en de VNG, een belangrijke bijdrage geleverd aan een handreiking die vorige maand is gepubliceerd door het ministerie van SZW. In deze handreiking wordt toegelicht welke btw-oplossingen er in welke samenwerkingsvorm voor handen zijn.

    Klik hier voor een link naar de btw-handreiking: 
    Klik hier voor een uitgebreide nieuwsbrief over de btw-handreiking: 

    Kern

    In onze praktijk begeleiden wij vaak onderwijsinstellingen en kinderopvangorganisaties die een inhoudelijke, en bestuurlijke en structurele samenwerking zoeken. Indien partijen kiezen voor een bestuurlijke fusie zoals bedoeld in Deel 2 van de Handreiking (niet te verwarren met een bestuurlijke fusie zoals bedoeld in de onderwijswet) menen we dat zij een fiscale eenheid voor de btw kunnen vormen. Het doel en voordeel van het vormen van een fiscale eenheid btw is dat de prestaties binnen de fiscale eenheid (en dus: tussen de verschillende rechtspersonen) niet onderworpen zijn aan btw-heffing, waardoor btw-druk binnen de samenwerking wordt voorkomen. De afgelopen jaren hebben wij daarom verschillende organisaties (die onderwijs en opvang combineren) begeleid in een afstemmingstraject met de Belastingdienst, met als doel bevestigd te krijgen dat partijen een fiscale eenheid voor de btw vormen.

    Een van de eisen voor een fiscale eenheid btw is de “financiële verwevenheidseis”. Sinds begin dit jaar zagen wij ons steeds vaker geconfronteerd met een Belastingdienst die het standpunt inneemt dat een onderwijsinstelling en een kinderopvangorganisatie in het geheel nooit financieel verweven  zouden kunnen zijn. Het argument daarvoor was dat een onderwijsinstelling publiek gefinancierd is en een kinderopvangorganisatie privaat gefinancierd. Het gevolg zou zijn dat zij geen fiscale eenheid voor de btw kunnen vormen, omdat publieke (onderwijs)middelen niet aan private (opvang)activiteiten mogen worden besteed. Ook zorgde het vereiste btw-ondernemerschap aan de zijde van een onderwijsinstelling steeds voor discussie met de Belastingdienst.

    In de Handreiking is een aantal samenwerkingsvormen geschetst waarin een onderwijsinstelling en een kinderopvangorganisatie (onder voorwaarden) een fiscale eenheid btw kunnen vormen, zonder dat publieke middelen aan private activiteiten besteed worden. Hiermee bevestigen de betrokken ministeries  dat een publiek gefinancierde onderwijsinstelling en een privaat gefinancierde kinderopvangorganisatie onder voorwaarden wel degelijk een fiscale eenheid voor de btw kunnen vormen. De verschillende wijze van bekostiging staat daar niet aan in de weg. Ook wordt bevestigd dat het – al dan niet gedeeltelijke – btw-ondernemerschap van een onderwijsinstelling voldoende is voor het vormen van een fiscale eenheid btw.

    Concluderend kunnen we constateren dat met deze Handreiking vaststaat dat een onderwijsinstelling en een kinderopvangorganisatie in alle samenwerkingsvormen zoals geschetst in Deel 2 van de Handreiking onder voorwaarden een fiscale eenheid btw kunnen vormen. Als ervoor wordt gekozen om de structuur alleen uit stichtingen te laten bestaan (lees: samenwerkingsvorm 1, 2 en 4 als bedoeld in Deel 2 van de Handreiking), zal de Belastingdienst naar verwachting nog steeds stevige eisen stellen ten behoeve van de financiële verwevenheid. Het is dus geen gegeven dat in al die samenwerkingsvormen steeds sprake zal zijn van voldoende financiële verwevenheid, maar we weten in ieder geval dat het mogelijk moet zijn. Op korte termijn spreken we hierover nader met de Belastingdienst. In samenwerkingsvorm 3 is de financiële verwevenheid (evenals de organisatorische en economische verwevenheid) wel een gegeven. Dit geeft helderheid en zekerheid aan het veld.

    Daniëlle Westerhoff, Jochem Streefkerk en Saskia Laseur