Waarmee kunnen wij u helpen?

    Thema

    Wet toekomst pensioenen

  • NL
  • De Wet toekomst pensioenen (Wtp) werkt een deel van de wetgeving uit die het gevolg is van het principe pensioenakkoord van juni 2019. Dat akkoord bevat op hoofdlijnen de afspraken van werknemersorganisaties, werkgeversorganisaties en het kabinet-Rutte III over de herziening van het pensioenstelsel en de AOW. Het pensioenakkoord is in juni 2020 op meer technisch niveau uitgewerkt in de hoofdlijnennota van het kabinet. De consultatieversie van de Wtp is in december 2020 gepubliceerd; er kon hier tot 12 februari 2021 op worden gereageerd.

    Kern van de zaak

    De kern van de Wtp is de overstap – vóór 1 januari 2027 – naar een andere manier van pensioen opbouwen dan wat nu voor de meesten gangbaar is. De Wtp moet gaan regelen dat na een overgangsfase alleen pensioen kan worden opgebouwd in een premieregeling met een leeftijdsonafhankelijke (vlakke) premie. Dit kan in vier typen pensioenregelingen, namelijk het nieuwe pensioencontract, de verbeterde premieregeling, de premie-uitkeringsovereenkomst of de premie-kapitaalovereenkomst, waarbij de laatste twee slechts voor pensioenverzekeraars zijn.

    De Wtp maakt een einde aan pensioenregelingen waarbij een toegezegde uitkering, bijvoorbeeld een bepaald percentage van het gemiddeld of het laatst verdiende salaris, de kern van de afspraak is. Ook maakt de Wtp een einde aan opbouw in regelingen met een met de leeftijd stijgende premie. Daarnaast maakt de Wtp een einde aan de doorsneesystematiek. De voor verplichtgestelde bedrijfstakpensioenfondsen geldende combinatie van een leeftijdsonafhankelijke premie met een leeftijdsonafhankelijke (tijdsevenredige) opbouw van pensioenaanspraken is straks – vanaf 1 januari 2027 – daarom niet meer mogelijk.

    Impact

    We zijn hier veel te beknopt, maar dit is een enorme stap ten opzichte van het huidige systeem. Veruit het merendeel van de pensioenregelingen zal moeten worden aangepast. En daar komt dus bij dat het idee is dat pensioen opgebouwd onder het oude systeem wordt overgezet – ingevaren – naar het nieuwe systeem.

    Welke wetten worden aangepast

    Om dit alles mogelijk te maken wijzigt de Wtp meerdere wetten. Ten eerste is dat de Pensioenwet. Die wet reguleert pensioenovereenkomsten – hetgeen tussen werkgevers en werknemers is overeengekomen over pensioen, wat vaak een pensioenbeding in de arbeidsovereenkomst is – en de uitvoering daarvan door pensioenuitvoerders zoals pensioenfondsen, verzekeraars en premie-pensioeninstellingen.

    Ten tweede wijzigt de Wtp de Wet verplichte deelneming in een bedrijfstakpensioenfonds 2000 (de Wet BPF 2000). Werknemers en werkgevers werkzaam in een bedrijfstak waarvoor de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid deelneming in een bedrijfstakpensioenfonds – bijvoorbeeld Pensioenfonds Metaal en Techniek, Pensioenfonds Vervoer en Pensioenfonds Zorg en Welzijn – heeft verplichtgesteld, zijn voor de duur van die verplichtstelling op grond van die wet gehouden de statuten en reglementen en de daarop gebaseerde besluiten van het bestuur van het bedrijfstakpensioenfonds na te leven. Circa 60% van de Nederlandse beroepsbevolking bouwt op deze manier pensioen op.

    Ten derde wijzigt de Wtp de Wet verplichte beroepspensioenregeling (de Wvb). Die wet is, zeer kort gezegd, een combinatie van de Pensioenwet en de Wet BPF 2000, maar dan voor zelfstandige beroepsbeoefenaren. De Wvb bevat namelijk enerzijds regels over verplichte deelname in een beroepspensioenregeling, en anderzijds materiële regels over de uitvoering van die regeling door toegelaten pensioenuitvoerders. Deze wet is in de praktijk relevant voor medisch specialisten, huisartsen, apothekers, sommige tandartsen en tandartsspecialisten, dierenartsen, fysiotherapeuten, verloskundigen en loodsen.

    Ten vierde wijzigt de Wtp verschillende fiscale wetten, zoals de Wet op de loonbelasting 1964 en de Wet inkomstenbelasting 2001. Deze voorzien in de fiscale facilitering van pensioen.

    Ten vijfde en ten laatste worden nog enkele aanverwante wetten aangepast, zoals de Wet privatisering ABP, de Wet gelijke behandeling op grond van leeftijd bij de arbeid en de Wet gelijke behandeling van mannen en vrouwen.

    In andere woorden: geen lichte operatie, maar een stevig ingrijpen in het hart van de Nederlandse pensioenwetgeving.

    Wat regelt de Wtp niet?

    AOW
    De Wtp regelt niet alle aspecten van het pensioenakkoord. De AOW-aanpassing valt erbuiten. Inmiddels zijn de AOW afspraken uitgevoerd. Op grond van de Wet temporisering verhoging AOW-leeftijd van 3 juli 2019 werd de AOW-leeftijd vanaf 2020 minder snel verhoogd dan het geval zou zijn op grond van de Wet versnelling stapsgewijze verhoging AOW-leeftijd van 4 juni 2015. In 2020 en 2021 zal de AOW-leeftijd 66 jaar en 4 maanden blijven. Vervolgens stijgt de AOW-leeftijd naar 66 jaar en 7 maanden in 2022 en naar 66 jaar en 10 maanden in 2023. In 2024 bedraagt de AOW-leeftijd 67 jaar. Vanaf dat moment zal de AOW-leeftijd weer worden gekoppeld aan de levensverwachting, maar wel op zo'n manier dat een jaar langer leven leidt tot een verhoging van de AOW-leeftijd met 8 maanden. Diezelfde systematiek gaat ook gelden voor de (fiscale) pensioenrichtleeftijd. Op dit moment betekent elk jaar langer leven nog een verhoging van de AOW- en pensioenrichtleeftijd met één jaar.

    Bedrag ineens
    Ook de mogelijkheid van een bedrag ineens, versoepeling van de pseudo-eindheffing op regelingen voor vervroegde uittreding (RVU-heffing) en verlofsparen zijn separaat geregeld. Op 17 november 2020 is de Wet bedrag ineens, RVU en verlofsparen aangenomen. De inwerkingtreding is inmiddels uitgesteld naar 1 januari 2023, zij het dat nog wordt uitgegaan van “terugwerkende kracht” tot 1 januari 2021. Deze  wet moet het mogelijk maken dat werknemers tot drie jaar voor de AOW-leeftijd kunnen stoppen met werken.

    Kritische ontvangst

    Er zijn nog de nodige zaken die wat ons betreft zullen moeten veranderen aan de Wet toekomst pensioenen voordat het kan leiden tot passende wetgeving. Van Doorne adviseerde de betrokken ministeries de volgende suggesties te verwerken:

    • Geef alle uitvoerders toegang tot de solidariteitsreserve bij de verbeterde premieovereenkomst.
    • Neem een duidelijker normering van de premie-uitkeringsovereenkomst en premie-kapitaalovereenkomst op in de wet.
    • Geef pensioenfondsen de ruimte meer autonoom – dus ook zonder specifieke instructie van sociale partners – buffers aan te wenden ten behoeve van de solidariteitsreserve.
    • Benoem wellicht de financiering van de solidariteitsreserve als onderdeel van de uitvoeringsovereenkomst, maar laat voor het overige meer ruimte voor contractsvrijheid.
    • Breng meer nuancering aan in de beschrijving van de te betrachten zorg bij keuzebegeleiding.
    • Geef sociale partners én pensioenuitvoerders toegang tot de transitiecommissie; dit vergroot de mogelijkheden voor effectieve geschilbeslechting.
    • Geef elk type pensioenuitvoerder (binnenlands / buitenlands) toegang tot een effectieve waardeoverdrachtsystematiek
    • Maak bij gesloten fondsen / gesloten regelingen toegang tot het standaard invaarpad en de collectieve waardeoverdracht mogelijk zonder werkgeversverzoek.
    • Wees transparant over het rechtsgevolg van andersluidende compensatieafspraken in de pensioenovereenkomst en over het al dan niet kunnen instellen van een vordering bij het niet behalen van de mijlpalen.
    • Verduidelijk in het stadium van de Wtp ook de impact van de stelselwijziging op de vrijstelling van werkgevers van verplichte deelname en de bruikbaarheid van reeds verleende vrijstellingen.
    • Verwijder de harde stop uit het overgangsrecht zodat de in de toelichting beschreven mogelijkheid van achterblijven onder het huidige FTK – bijvoorbeeld voor gesloten fondsen – ook na 1 januari 2026 mogelijk is.
    • Bied pensioenuitvoerders de mogelijkheid gefaseerd onder het nieuwe regime te vallen, of wees meer transparant indien dit niet wordt toegestaan.

    Lees onze volledige reactie hier. Zien hoe de Pensioenwet eruit gaat zien indien de Wet toekomst pensioenen daarin wordt verwerkt? Kijk in onze mark-up Pensioenwet 2021.

    U kunt uiteraard ook altijd contact opnemen met een van onze pensioenspecialisten.